HomeBlog › Buiten schilderen met aquarel: tips voor en plein air in het Groene Hart

Buiten schilderen met aquarel: tips voor en plein air in het Groene Hart

Geschreven door Marjan 8 min lezen
Buiten schilderen met aquarel: tips voor en plein air in het Groene Hart

Zodra het weer een beetje meewerkt, trekken schilders naar buiten. En het Groene Hart — die brede open polder tussen Leiden, Gouda en Alphen aan den Rijn — is een van de mooiste plekken in Nederland om dat te doen. Wijde luchten, slootkanten, riet, weidevogels, Hollands licht dat nergens anders zo is. Voor wie met aquarel buiten wil gaan schilderen, kun je het je niet beter treffen.

In dit artikel deel ik hoe ik zelf buiten werk, welke valkuilen ik cursisten bij De Morgenster in Ter Aar zie tegenkomen, en welke plekken in het Groene Hart ik aanraad voor je eerste en plein air sessie.

Wat plein air schilderen je oplevert

Binnen schilderen is fantastisch — ik doe het zelf het grootste deel van het jaar. Maar buiten schilderen is iets anders. Je ziet dingen die je op een foto nooit zou zien: hoe het licht verandert terwijl de wolken voorbij trekken, hoe het groen van het gras afhangt van de afstand, hoe een slootkant eigenlijk tien verschillende bruintinten heeft en geen één.

Dat maakt je als schilder beter. Niet in techniek, maar in kijken. En kijken is de vaardigheid die alles draagt. Als je een paar uur op een paaltje hebt gezeten met je schetsboek, en je hebt het licht horen kantelen, dan breng je iets mee terug naar het atelier dat je nooit vanaf een foto zou leren.

Aquarel morgenster door Marjan met natuurlijke paarse en roze tinten
De morgenster — mijn signatuurbloem, en een van de dingen die je in het Groene Hart in het voorjaar zomaar langs de slootkant ziet staan.

Wat je buiten écht nodig hebt

Plein air schilderen vraagt wat minder dan je denkt, maar méér voorbereiding dan je denkt. Laat ik dat uitleggen. Wat je nodig hebt:

  • Een klein aquarelblok (A5 of A4, 300 grams cold pressed — zie ook mijn artikel over aquarelpapier voor beginners). Niet te groot — je werkt sneller buiten, kleiner is beter.
  • Een napjesdoos, geen tubes. Compact, je hebt het palet direct in de doos, geen gemorste verf.
  • Twee kwasten: een dikke ronde en een fijne. Meer heb je niet nodig.
  • Twee potjes water: één om te wassen, één om schoon te houden. Oude jamportjes werken prima.
  • Een klapstoeltje of opvouwbaar krukje. Drie uur op de grond zitten lukt niemand.
  • Een klembord of hardpanel als ondergrond.
  • Een hoedje. De zon op een wit vel papier verblindt je.

En verder: een flesje drinken, wat te eten, een zonnebrandje. Je zit langer dan je denkt.

Hoe je begint — de eerste vijf minuten

Dit is waar de meeste beginners vastlopen. Je staat in een prachtig landschap en je wilt álles vangen. De lucht, het riet, die koeien achter je, het licht op het water. Dat lukt niet. Dus: kies eerst. Ga zitten. Kijk tien minuten zonder je verf aan te raken. Welk stukje van wat je ziet, raakt je? Welk licht valt waar dat je greep? Dáár schilder je.

Begin dan niet met detail, maar met grote vlakken. Een natte lucht bovenaan, een donkere boomrand halverwege, een lichte slootkant vooraan. Vanaf daar werk je in. Details komen op het laatst — soms helemaal niet. Een goed plein air schilderij heeft bijna altijd minder details dan je denkt. Zo geven je grote vlakken het landschap lucht. Die grote natte lucht werkt alleen als je de nat-in-nat techniek onder de knie hebt.

Aquarel witte roos door Marjan met subtiele grijs- en roze tinten
Een witte roos. Buiten kijken leert je dat “wit” nooit zomaar wit is — altijd met een tint grijs, een zweempje geel, een vleug roze.

De uitdaging van Nederlands licht

Het licht hier verandert snel. De ene minuut heb je heldere zon, de andere minuut trekt er een wolkenveld over en verschuift alles in koele tinten. Dat is geen probleem — dat is de charme. Maar het betekent dat je snel moet werken en moet kiezen.

Mijn advies: kies binnen het eerste kwartier welke lichtsituatie je gaat schilderen. “Dit is het licht dat ik vastleg.” Als het daarna verandert, vertrouw je op wat je hebt gezien. Blijf niet aanpassen aan elk nieuw wolkje — dan krijg je een vreselijk samenraapsel. Eén licht, één schilderij. Hoe je dat licht vertaalt naar temperatuur en kleur leg ik uit in kleuren mengen met aquarelverf.

Mijn favoriete plekken in het Groene Hart

Ik schilder het liefst op plekken met water — sloten, meren, een vaart. Het Groene Hart is bij uitstek een waterlandschap. Een paar plekken die ik cursisten aanraad:

  • Langs de Drecht bij Ter Aar — rustige vaart met riet, kaarsrecht perspectief, goed licht in de middag.
  • Braassemermeer-oevers bij Leimuiden — brede luchten, weids, ideaal voor lucht en watervlakken.
  • Nieuwkoopse Plassen — natuurgebied met waterlelies, rietkragen, vogels. Magisch in ochtend- of middaglicht.
  • Kaag bij Kaageiland — jachthaven-sfeer, oude werfboten, veel reflecties in het water.
  • Buiten Oud-Ade (Kaag en Braassem) — typisch polderlandschap met wolkenluchten en weilanden tot aan de horizon.

Voor mensen uit Alphen aan den Rijn, Leiden, Uithoorn en Oegstgeest zijn al deze plekken binnen een halfuurtje rijden. Neem je fiets, pak je rugzak, en ga.

Aquarel dubbele ster door Marjan met zachte natuurtinten
Een dubbele ster. Schilderijen als deze ontstaan vaak uit wat ik buiten zie — en later in het atelier verder laat groeien.

Valkuilen die ik cursisten zie maken

Drie dingen gaan het vaakst mis bij het eerste plein air-uitje:

1. Te lang werken aan één schilderij. Twee uur is al ruim. Daarna verandert het licht, word je moe, en ga je “redden” wat niet te redden is. Beter twee korte schilderijen dan één lange.

2. Te veel water gebruiken. Buiten droogt het papier sneller (wind + lucht) maar op koele dagen juist langzamer. Leer je papier kennen vóór je begint.

3. Vergeten te genieten. Serieus. Cursisten zijn zo gefocust op “het goed doen” dat ze vergeten te kijken. Zet je kwast soms gewoon neer, drink je thermoskan leeg, laat het landschap op je inwerken.

Veelgestelde vragen

Ben ik goed genoeg om al plein air te schilderen?
Als je een of twee aquarellen hebt gemaakt en de basis van kleur en water kent, kun je buiten beginnen. Het hoeft niet mooi te zijn — het is vooral een oefening in kijken.

Wat doe ik als het gaat regenen?
Plein air schilders zijn weermensen. Check altijd de radar. Zoek een plek met overkapping of neem een poncho mee. Lichte motregen kan juist mooie effecten geven — stromende regen niet.

Is er veel bekijks als ik buiten schilder?
Soms. Mensen vinden het leuk om te kijken, vrijwel nooit om te storen. Een vriendelijke glimlach is genoeg. Zet je rug naar het pad als je geen praatjes wil.

Geef je ook buitenworkshops?
Af en toe organiseer ik een plein air dag voor gevorderde cursisten. Kijk op de cursus-pagina of vraag er gerust naar.

Wat doe ik met al die buiten-schilderijen thuis?
De meeste zijn studies, geen “gefinisht” werk. Bewaar ze in een map — ze worden bronmateriaal voor grotere schilderijen die je binnen verder uitwerkt.

Op pad

Plein air schilderen vraagt lef. Je gaat op een stoeltje in het weiland zitten en iemand kijkt over je schouder. Je krijgt geen mooi schilderij in één keer. Maar wat je meeneemt is iets wat geen cursus binnen je kan geven: een directe relatie met het landschap waar je woont. Het Groene Hart is een geschenk — voor wie het durft te zien. En als je hier graag onder begeleiding mee begint, stuur me een bericht via de contactpagina. Ik hoor graag wat jou trekt.

Deel dit artikel

Zelf aquarelleren leren?

Schrijf je in voor een cursus bij Marjan in Ter Aar. Kleine groepen, alle niveaus welkom.

Bekijk cursussen